Home Press Releases Dutch 2016 Negatieve Gevolgen Verhoging Minimumloon
Negatieve Gevolgen Verhoging Minimumloon
Friday, 09 December 2016 15:41

Het Ministerie van Economische Ontwikkeling (MEO) heeft recent voor de Dialogo Nashonal een presentatie gehouden over de te verwachten economische gevolgen van het verhogen van het minimumloon met ingang van 1 januari 2017 conform de Ministeriële Regeling (MR) PB 2016 no 14.

Uit de berekeningen van MEO (vide bijlage) blijkt onder andere dat de reële economische groei met 1,3% zal dalen, de werkeloosheid zal toenemen, de concurrentiepositie zal verslechteren en een loon prijsspiraal ontwikkeling zich zal gaan manifesteren.

De berekeningen hebben alleen betrekking op het jaar 2017. De effecten van de MR opgenomen verdere verhogingen van het minimumloon (additioneel met nog 30%) in de jaren daarna, zijn nog niet gecalculeerd. Het is echter niet moeilijk te raden welke deze zullen zijn.

De analyses en calculaties van MEO bevestigen hetgeen de VBC al diverse keren naar voren heeft gebracht ( vide onder meer de Newsletter VBC editie November 2016). Uitvoeren van de MR van de Minister SOAW zal ernstige negatieve sociaal economische gevolgen hebben voor Curaçao. Deze zullen zich o.a. manifesteren in economische krimp, toename werkeloosheid en daarmee de armoede, verslechtering van de concurrentiepositie en het investeringsklimaat, kortom aantasten van het vertrouwen in de Curaçaose economie.

Het onderzoek en de conclusies van MEO hebben geen indruk gemaakt op de Minister SOAW en de vakbonden. Zij zijn van oordeel dat verhoging van het minimumloon door moet gaan en kiezen daarmee willens en wetens voor achteruitgang van de economie, toename van de werkeloosheid en verpaupering. In feite voor verdeling van de armoede en schaarste.

Deze visie, houding en het besluit van de Minister SOAW en de vakbonden zijn voor de VBC onbegrijpelijk en uiterst teleurstellend.

Deze partijen dienen dan ook verantwoordelijk gesteld te worden voor de verwachte verdere sociaal-economische malaise en intensivering hiervan.

De werkgevers die hiervoor gewaarschuwd hebben kunnen hiervoor niet worden aangesproken en dragen ook geen verantwoordelijkheid.

De VBC wil nogmaals wijzen op een bijzonder aspect in deze discussie namelijk de vraag of de MR van de SOAW zorgvuldig tot stand is gekomen en niet tegen bestaande wettelijke bepalingen indruist.

Conform de bepalingen van Landsverordening minimumlonen dient de Sociaal Economische Raad (SER) gehoord te worden indien aanpassingen van het minimumloon door de Minister worden doorgevoerd ( artikel 9 lid 8). Bij een autonome verhoging van het minimumloon dient bovendien sprake te zijn van een bijzondere aanleiding ( artikel 13 lid 2).

Naar oordeel van de VBC is (nog) niet aan deze wettelijke bepalingen voldaan en dient daarom getwijfeld te worden aan de legaliteit van deze MR.

Uit de rechtsgeschiedenis blijkt o.a. dat het gerecht in eerste aanleg Curaçao in een kort geding 27 december 1971 tot de conclusie is gekomen dat voldaan moet worden aan de bepaling de SER te horen om een MR verbindend te kunnen laten zijn.

Wellicht dat deze rechtsplicht anno 2016 nog steeds van toepassing is en door de Minister over het hoofd is gezien?

De VBC herhaalt dat er alle redenen zijn om voor de economie, werkgelegenheid, armoedebestrijding, etc. om voornoemde MR van de Minister SOAW in heroverweging te nemen en deze te vervangen door een zorgvuldiger en evenwichtiger samengesteld pakket van maatregelen dat bovendien aan alle wettelijke bepalingen voldoet.

 

Macro-economische Effecten 2017

 
Copyright © 2019 Vereniging Bedrijfsleven Curaçao. All Rights Reserved.
Joomla! is Free Software released under the GNU/GPL License.